1. Praat met je kind van jongs af aan.

Verklank de letters, vraag je kind naar een mening en geef de tijd om na te denken.

2. Leer je kind na te denken over wat gelezen wordt.

Stel je kind vragen na het samen lezen zoals: ”Wat is er gebeurd?” en “Wat zal er nu gaan gebeuren, denk je?” Gun je kind de tijd zelf het woord te ontdekken of zelf een leesfout te ontdekken. Laat ze het woord goed verklanken, de plaatjes bekijken en de andere tekst nog eens over lezen.

3. Lees en schrijf dagelijks.

Lees samen verkeersborden, winkel- en restaurantnamen, verpakking van voedsel, reclamefolders, advertenties en instructies. Schrijf samen boodschappenlijstjes, telefoonnotities, schrijf afspraken op de gezinskalender met datum en tijd. Je kunt ook samen ansichtkaarten lezen en schrijven, bedankjes opstellen, brieven, e-mail en sms’jes samen opstellen. Je kind laten printen, schrijven en computer gebruiken is goed.

4. Maak het leuk en functioneel; laat het er toe doen!

Praat met je kind over zaken waarover het leuk is om te lezen. Kies samen verschillende leesstof, bijvoorbeeld verhaaltjes en informatieve teksten, kranten, strips, grapjes en liedteksten. Vraag je kind waarom een schrijver een dergelijk verhaal zou hebben geschreven en of alle personen zo maar willekeurig zijn gekozen. Dat alles zal het kind helpen na te denken over wat ze lezen en toevoegen aan hun eigen ervaringen. Hoe je kind te steunen tijdens hun lees- en schrijfontwikkeling

• Prijs ze in alles wat ze goed doen en moedig ze aan.

• Leg niet de nadruk op fouten.

• Moedig het kind aan iets aan de leerkracht te vragen.

• Help je kind ook bewust te worden van hoe ze zich ontwikkelen.

Copyright 2018 EGES Onderwijsadviezen